Roken en koken belangrijkste oorzaken fatale woningbranden in 2016!

dinsdag 18 april 2017

In 2016 vonden in totaal 33 fatale woningbranden plaats. Hierbij vielen in totaal 38 dodelijke slachtoffers. Een stijging ten opzichte van vorig jaar toen 27 fatale woningbranden plaatsvonden waarbij 31 slachtoffers vielen.


Dit blijkt uit het onlangs verschenen jaaroverzicht (bijlage). Deze stijging is een normale fluctuatie van het aantal fatale woningbranden en slachtoffers per jaar, zo wordt duidelijk uit het meerjarig onderzoek van de Brandweeracademie.


Roken
De belangrijkste brandoorzaken in 2016 waren roken (19%), onvoorzichtigheid bij koken (9%) en andere vormen van menselijk handelen (9%). Volgens het onderzoek van de Brandweeracademie zijn deze cijfers in lijn met die van voorgaande jaren.
Naast deze fatale woningbranden was er bij 3 woningbranden met bij elkaar 3 doden sprake van een bewezen natuurlijke dood. Bij 6 branden met in totaal 7 doden ging het om een woningbrand als gevolg van (zelf)doding. Het onderzoek richt zich op de oorzaken, omstandigheden en het verloop van niet met opzet veroorzaakte woningbranden met dodelijke slachtoffers. Daarom maken deze woningbranden geen deel uit van de analyse van fatale woningbranden 2016.

Bij aankomst van de brandweer was vaak sprake van een relatief kleine (47%) of gesmoorde (25%) brand en beperkte mate van rookverspreiding. Dit beperkte zich tot een voorwerp en/of de ruimte van ontstaan van de brand. Er zijn iets meer gesmoorde branden gemeld ten opzichte van vorig jaar (15% in 2015). Dit komt mogelijk doordat sinds 2016 nadrukkelijk om deze info is gevraagd, in voorgaande jaren niet.

Brandonderzoek
De Brandweeracademie verzamelt structureel data over fatale woningbranden in Nederland. Daarbij werken wij samen met de bij de betreffende branden betrokken brandweerkorpsen en teams brandonderzoek. Zij leveren de gegevens over de fatale woningbranden. De respondenten worden benaderd op basis van informatie uit persberichten over een fatale woningbrand in hun regio. Hierdoor worden ook de fatale woningbranden in kaart gebracht waarbij de brandweer geen hulp heeft verleend, bijvoorbeeld omdat de brand bij het ontdekken al gedoofd was.